Artikelen

Leven voor, in en na het Parlement

Wat doen parlementariërs voor, in en na het parlement? Waar liggen hun drijfveren en wat doen zij daarmee? Hierover komt steeds een oud-parlementariër aan het woord, die tevens haar/zijn levensloop – en meer - vertelt in relatie tot het Parlement (Tweede Kamer/ Eerste Kamer en/of het Europees Parlement).

Aan het woord: Elida Wessel-Tuinstra Elida was van 1977-1986 lid van de Tweede Kamer en van 1991- 1999 lid van de Eerste Kamer voor D66. Daarvoor had zij van 1970-1973 zitting in de Provinciale Staten van Zuid-Holland

Eenmaal politiek, altijd politiek

Zo’n 30 jaar ben ik politiek actief geweest. Althans in vertegenwoordigende lichamen. Daarvoor was ik – vanaf de oprichting in 1966 - actief lid van D’66 (in 1985 gewijzigd in D66!). Ook daarná, maar minder intensief. Bij de laatste gemeenteraadsverkiezingen stond ik hier in Oegstgeest nog op de kandidatenlijst van D66 als lijstduwer! Eenmaal politiek, altijd politiek! Ik bemoei mij - als bijna 89-jarige – trouwens bewust niet inhoudelijk meer met de huidige politiek en met politici, zoals sommigen van mijn leeftijdsgenoten – ik noem geen namen - dat wel doen. Wel schrijf ik soms iemand die steun verdient, zoals Tjeerd de Groot na zijn dappere optreden op het Malieveld bij de grote protestbijeenkomst van de boeren.

Elida Tuinstra en Joop den Uyl

‘Geen poep in de brievenbus’

Mijn politieke interesse heb ik van huis uit meegekregen. Mijn vader was predikant in de Hervormde kerk te Zwolle en was vóór de onafhankelijkheid van Indië. Dat gaf veel discussie, maar ‘geen poep in de brievenbus’, zoals soms gebeurde en gebeurt. Dit gaf niet alleen discussie buitenshuis, maar ook binnenshuis. Mijn moeder was in haar studentetijd ook al links georiënteerd. In 1950 ging ik vanuit Zwolle in Amsterdam rechten studeren. Van een provinciestad naar de hoofdstad. De wereld ging voor mij open! Ook politiek. Als AVSV-ster kwam ik in aanraking met vriendinnen die heel anders dachten. Dat scherpt je geest. In de jaren zestig in Oegstgeest werden mijn man (Hans Wessel, hoogleraar bestuurskunde te Delft) en ik politiek actief. Eerst was ik PvdA-lid, maar de komst van D’66 deed mij overstappen naar die partij. Hoewel ik de beginselen van de PvdA bleef onderschrijven, stonden de oude uitstraling van de PvdA en toch ook de oudere groep partijleden, mij tegen. Als politiek actieve jongere voelde ik mij daar niet welkom. Wel bij D’66 die vooral bestond uit veranderingsgezinde jongeren. Daar voelde ik mij thuis. Bovendien was mijn man een van de oprichters van D’66.


Leven na het parlement
31mei

Leven na het parlement

Leven voor, in en na het Parlement   Aan het woord: Foort van Oosten (een van de jongste leden van de V.O.P.) Foort van Oosten (43,...

Moet de Tweede Kamer zichzelf onderzoeken?
03mei

Moet de Tweede Kamer zichzelf onderzoeken?

De heren Dijkstra en Van der Meer (Instituut Bestuurskunde, Universiteit Leiden) kijken kritisch naar het parlement en de rechterlijke...