Artikelen

Leven na het parlement: Lenny Geluk-Poortvliet

Lenny Geluk

Leven voor, in en na het parlement                                     

door Mieke van der Burg

Wat doen Parlementariërs na hun vertrek uit het Parlement (Eerste- /Tweede Kamer of het Europees Parlement)? Hoe kijken zij terug op die periode? Wat zijn hun drijfveren en hoe zijn deze ontstaan? Hoe geven zij daar nu inhoud aan? Steeds komt een oud-Parlementariër aan het woord die haar/zijn levensloop - en meer – vertelt.

Aan het woord: Lenny Geluk-Poortvliet.

Lenny was van oktober 2017-maart 2021 lid van de Tweede Kamer voor het CDA, waar zij jaren het oudste vrouwelijk Kamerlid was  (in 1943 geboren in Kapelle-Biezelinge, Zeeland). Daarvoor is zij van 2002-2006 gemeenteraadslid en wethouder geweest van Schouwen-Duiveland. Al in 2003 kwam zij op kandidatenlijst voor de Tweede Kamer, maar met haar 73e plaats op de lijst werd zij niet gekozen. Meer dan 16 jaar heeft zij  “Gallerie Geluk” gehad in Burgh-Haamstede.  .   

Altijd gedreven vanuit christelijk beginselen; kort gezegd: saamhorigheid. 

Geen “zwart gat”

Sinds maart dit jaar ben ik  geen lid meer van de Tweede Kamer. Dat was wel erg wennen! Niet meer vroeg opstaan en direct kijken wat het nieuws brengt. Langzaam ben ik aan het afkicken, maar ik heb geen groot ‘zwart gat’ ervaren. Er is genoeg te doen. Al was het maar het opruimen van papieren van de afgelopen jaren en archiveren. Dat biedt wel de mogelijkheid om al lezende weer terug te kijken en te reflecteren. Wat heb ik in die tijd kunnen bereiken?

In 2020 ben ik afgetreden als secretaris van de Raad van Toezicht  Koninklijke Nederlandse Vereniging van Ridderorden, welke functie ik vanaf 2017 heb vervuld. Wel ben ik in voor tijdelijke functies. Een andere, vaste baan  of functie is voor mij geen optie, gezien mijn leeftijd. Zo ben ik sinds kort lid van de Beroepingscommissie van een nieuwe predikant voor “Het Witte Kerkje Huis ter Heide” te Zeist.

Verbinding oud en jong

Een van de dingen die veranderd zijn in mijn Kamerperiode is dat ouderen meer in beeld zijn gekomen. Het denken over ouderen is echt veranderd. Niet alleen omdat ik - met anderen - ouderen een stem hebben gegeven. Ook omdat ik als oudere zichtbaar was in de Tweede Kamer! Een soort voorbeeldfunctie zou je kunnen zeggen. Zo kreeg is veel reacties in de zin van “je geeft ons moed”. Discriminatie van ouderen is helaas nog niet de wereld/Nederland uit. Ook als oudere kan en moet je meedoen. Op de kandidatenlijsten - binnenkort voor de gemeenteraden - zullen dan ook meer ouderen moeten komen!

Ieder mens telt immers! Oud en jong. Juist de verbinding tussen oud en jong is voor mij belangrijk. Bijvoorbeeld bij het vraagstuk van pensioenen waarbij ik samenwerkte met Pieter Omtzigt. Ook het doorwerken na het officiële pensioen is nog steeds niet goed geregeld, ook al hebben we de beperkende regels wel verbeterd. Ook op andere terreinen moet er nog veel gebeuren, bijvoorbeeld speciale woningen voor ouderen. Woningbouw is een hot item op dit moment.  Immers, zolang er niet meer woningen voor ouderen komen, stagneert de doorstroming. Ouderen blijven thuis wonen en grote woningen blijven dus bezet. Dit aspect mag in het komende regeerakkoord niet ontbreken!

Hoewel ik Kamerlid af ben, bemoei ik mij nog steeds met ouderenbeleid via de ouderenorganisatie binnen het CDA en als afgevaardigde bij de Europese Senioren Union. Ik zal overigens nooit de rol van een ‘mastodont’ innemen. Daar hoed ik mij voor! Wel is het zo dat collega’s/partijgenoten mij bellen voor advies. Wat dat betreft is het CDA een soort familie.

Wet als katalysator

Naast emancipatie van ouderen, heb ik mij ingezet voor emancipatie van vrouwen. Zonder het CDA was het verplichte “Vrouwenquotum” voor Raden van Bestuur en Raden van Commissarissen van grote bedrijven niet door de Tweede Kamer gekomen! Vlak voor de verkiezingen, op 11 februari, is die wet aangenomen. Binnenkort behandelt de Eerste Kamer dit wetsvoorstel. Nee, er was geen sprake van een ommezwaai van het CDA. In september 2019 bleek dat minder dan tien procent van de grote ondernemingen voldeed aan het streefcijfer van 30%! Zelfs voldeed negen op de tien bedrijven niet aan hun verantwoordingsplicht! Streefcijfers bleken dus niet te werken. Zowel de werkgeversorganisaties, als de werknemersorganisaties constateerden dat het tempo van meer vrouwen aan de top van bedrijven, veel te laag was. En de SER wees daarbij terecht op het verloren gaan van veel potentieel en het onvoldoende benutten van talent. De mening van het maatschappelijk middenveld is voor het CDA altijd erg belangrijk. Hans de Boer, oud-voorman van VNO-NCW, was weliswaar eerst tegen, zag het als zwaktebod, maar de slechte cijfers en overtuigden hem van de noodzaak. Ook het CDA Vrouwenberaad was voorstander. Daarom stemde mijn fractie volmondig in met het wetsvoorstel. Ik weet wel dat zo’n wet niet direct helpt. De Sociale Partners zullen zelf hun verantwoordelijkheid moeten nemen. Zo’n wet is geen motor voor emancipatie, maar kan wel werken als katalysator!

 

Cultuur in de regio’s

Ik heb mij in de Kamer ook ingezet voor een eerlijke verdeling van de cultuurgelden. Veel geld gaat naar gezelschappen in de grote steden. Daar treken veel kunstenaars etc. naar toe. Maar cultuur in de regio’s is ook erg belangrijk. Zo heb ik gevochten voor het behoud van het Scapinoballet, dat al 80 jaar bestaat, maar ook vernieuwend is. Juist deze groep (uit Rotterdam) gaat naar kleinere zalen in de regio’s. Dit ballet viel buiten de boot. Met steun van minister Van Engelshoven is op een onorthodoxe wijze geld gevonden en Kamerbreed is mijn motie gesteund. Zo is het behouden! 

Saamhorigheid

Zo’n 54 jaar geleden heb ik mij aangesloten bij de CHU, dus vóór het ontstaan van het CDA. Ik was actief in schoolbesturen en de jongerenkerk en daar zei iemand “jij moet de politiek in.” De denkbeelden van de CHU over saamhorigheid, (mensen kunnen niet zonder andere mensen) spraken mij aan. Het gaat niet om wat goed is voor jezelf, maar wat goed is voor anderen. Mensen zijn verantwoordelijk voor elkaar.

Principes zijn zeer belangrijk, daar moet je aan vasthouden. Maar, zoals Merkel onlangs zei: soms moet je ook compromissen sluiten. Tenslotte moet je met elkaar leven. Dat was ook het standpunt van mijn fractie. Ik voelde mij daar zeer thuis.

Verantwoordelijkheidsgevoel voor mensen die minder voor zichzelf optreden of kunnen optreden, is voor mij essentieel. Ik denk aan bepaalde ouderen en vrouwen, daklozen, LHBTI-groepen. Ook jongeren die psychische begeleiding en zorg nodig hebben. Zij hebben recht op hulp. Het onder de aandacht brengen van die groepen is hard nodig!

Daarnaast zijn we als mensen ook verantwoordelijk voor de aarde (rentmeesterschap). Het recente rapport van het klimaatpanel IPCC onderstreept de urgentie van handelen om verdere opwarming te beperken. Het is geen hobby, maar een zeer ernstige ontwikkeling. Klimaatverandering heeft grote gevolgen voor de natuur. Ook zal het leiden tot meer en grotere vluchtelingenstromen. Extreme droogte dwingt mensen te vluchten, voor een toekomst voor hunzelf en voor hun kinderen.   

 

CDA moet terug naar haar uitgangspunten

Ik heb genoten van het Kamerwerk en van de samenwerking met andere Kamerleden, binnen en ook buiten mijn fractie. Daarom vind ik het fijn om bij de VOP oud-collega’s weer te ontmoeten en vooral ook interessant en inspirerend om mensen te spreken die ook in het parlement hebben gezeten, met dezelfde soort belangstelling, met politieke interesse. Daarnaast zijn er ongetwijfeld ook mooie lezingen en interessante bezoeken. 

De echte “reuring” van het Kamerwerk werd wreed verstoord door Covid 19. Thuiswerken, op je kantoor in de Kamer achter je computor fractievergaderingen via het scherm, geen werkbezoeken meer en de debatten die wel prioriteit kregen, waren Corona-gerelateerd en dat deden veelal de fractievoorzitters of Corona-woordvoerders.  

Wat mij in de Kamer stoorde waren de lange vergaderdagen en de onparlementaire wijze van omgang met elkaar en richting kabinetsleden door bepaalde Kamerleden. De Kamervoorzitter moet harder optreden! Het vragenuurtje met de daaruit voortvloeiende stroom aan debatten zal ook moeten veranderen.

Binnen mijn eigen fractie heb ik het fijn gehad. Er is in het laatste jaar veel gebeurd binnen het CDA. Ik wacht met spanning het CDA-congres af op 11 september as. waar over de evaluatie wordt gesproken. Als CDA moeten we terug naar onze uitgangspunten/waarden en weer op constructieve wijze met elkaar omgaan en tot elkaar komen.

Mensen drijven af!

De impact van Corona op de samenleving is groot en op alle terreinen. Daar zien we nu steeds meer de gevolgen van. Vooral bij jongeren, zoals ik zie bij mijn eigen kleinkinderen. Bijvoorbeeld beginnende studenten die thuis colleges volgen, geen medestudenten zien, geen studentenleven hebben. Ook de start met een eerste baan verloopt vreemd, geïsoleerd. Je werkt thuis en leert geen collega’s kennen. Mensen zijn mensenmensen, zonder contacten drijven mensen af. Gelukkig zie ik ook mooie initiatieven op scholen, bijvoorbeeld om groepen kinderen op een speciale manieren extra aandacht te geven. Het is een zware tijd en er is veel in beweging. Juist in deze tijd is saamhorigheid heel wezenlijk!

 

 

 

 


Een sociaal Europa
08okt

Een sociaal Europa

Een sociaal Europa krijgt een concreter gezicht door Joost van Iersel Sociale Top in Porto Op 8 mei vond in Porto een lang verwachte...

Reacties

Log in om de reacties te lezen en te plaatsen