Artikelen

Leven na het Parlement: Rein Willems

Rein Willems

HET LEVEN VOOR EN NA HET PARLEMENT

Aan het woord: Rein Willems

Van 2007 tot 2011 was hij lid van de Eerste Kamer voor het CDA.

Voor zijn Kamerlidmaatschap was Rein Willems topman in het bedrijfsleven. Na zijn studie chemische technologie aan de TH Delft, trad hij in 1970 in dienst van de Koninklijke Shell Groep. Hij bekleedde binnen Shell tal van functies in de chemiesector, onder andere in Australië, Groot-Brittannië, Nederland en Brazilië. In 1993 werd hij president van Shell Philippines en vanaf 1998 executive vice president bij Shell Chemicals in Londen en Singapore. Van 2003 tot 2007 was hij president-directeur van Shell Nederland en tevens lid van het dagelijks bestuur van VNO-NCW en gedelegeerd commissaris bij de Gasunie. Na zijn pensioen heeft hij vele functies bekleed waaronder veel commissariaten bij diverse bedrijven en maatschappelijke activiteiten. Daarnaast is hij actief in diverse kerkelijke functies in de gemeente Den Haag en behoort hij tot de recent opgerichte ‘Commissie Toekomst’.

Hij is al ruim 50 jaar betrokken bij de politiek. In de Jaren ’80 was hij politiek actief als raadslid in Ottoland (1982-1986) en van 2007-2011 als lid van de Eerste Kamer. Sinds kort is hij lid van de V.O.P.

Geloofswaarden

Wat mij op dit moment vooral bezighoudt, is de vraag waar de échte, wezenlijke vraagstukken van vandaag beantwoord worden? Voor de korte termijn worden de vragen wel behandeld en beantwoord. Mij gaat het om vraagstukken, zowel maatschappelijk als kerkelijk, die dieper nadenken en lange termijn oplossingen vergen. Deze krijgen nu onvoldoende aandacht.

Met die gedachten in het achterhoofd is tijdens mijn lidmaatschap van de kerkenraad van de Duinzichtkerk gewerkt aan plannen om tot een veel bredere rol van de kerk in de samenleving te komen en zijn we nu gekomen tot wat we ons Huis van Inspiratie, Reflectie en Ontmoeting noemen. Waarden van het geloof zijn immers breder dan de kerkgang. Juist in een dergelijk “Huis van inspiratie” komen fundamentele, zingevingsvragen aan de orde zoals: Welke zijn onze geloofswaarden? Waar komen deze vandaan? En hoe ga je daarmee om op dit moment? Hoe verschillen deze van geloofswaarden van andere godsdiensten?

Christelijke waarden zijn weliswaar ingebed in onze samenleving, in onze cultuur, maar hiervan moet je je wel steeds bewust zijn. Het recht op en bescherming van het leven is een dergelijke waarde. Ik maak mij bijvoorbeeld op dit moment ernstig zorgen om de recente discussie over verruiming van euthanasie. Mensen met een behoorlijke opleiding kunnen deze moeilijke afweging wellicht goed maken, anderen die een dergelijk denkproces niet kunnen doormaken, laten dit over aan artsen. En die hebben deze taak niet. In deze verruiming zit ook het gevaar dat de omgeving, de kinderen druk (kunnen) uitoefenen op de keuze voor levensbeëindiging. Ik heb in mijn omgeving die druk enkele keren meegemaakt. Dat moeten we als samenleving niet willen. Dat is onbarmhartig ten opzichte van mensen.

“Energie is politiek”

Ik lees erg veel. Nu, en ook vroeger. Samenlevingsvraagstukken hebben altijd min interesse gehad. Naast chemische technologie heb ik in mijn studententijd ook colleges gevolgd in filosofie en theologie in Kampen en Amsterdam. Dit was mede op aanraden van mijn oom, hoogleraar wijsbegeerte, naast elektrotechniek te Delft. Mijn keuze voor chemische technologie en niet voor chemie was dan ook zeer bewust. Het werk in een laboratorium trok mij niet aan, ik wilde werken midden in de maatschappij. Daar heb ik nooit spijt van gehad. In mijn internationale carrière heb ik altijd veel contact gezocht met mensen uit de betreffende landen. Dat bracht mijn werk voor Shell ook met zich mee. “Energie is politiek” zei Churchill eens. Dat is waar! Zo groeide steeds meer mijn belangstelling voor de politiek.

Te veel transparantie leidt tot ellende

Al op mijn 20e werd ik als student lid van de Anti Revolutionaire Partij (de ARP). Ik was overigens geen aanhanger van de radicale stroming in de ARP. De keuze voor een christelijk politieke partij lag voor de hand omdat ik in een christelijk nest ben grootgebracht. Na zeven/acht jaar werken in het buitenland, ben ik in de Alblasserwaard, gemeente Ottoland, politiek actief geworden. Discussies interesseerden mij en ik heb er als raadslid geleerd hoe politieke processen verlopen. Op een goede manier compromissen sluiten. Toen ging het bijvoorbeeld om de vraag of tennissen op zondag moest worden toegestaan. Uiteindelijk zijn we eruit gekomen. Wel op zondag tennissen, maar niet tijdens de kerkdiensten. Een oplossing waarbij met verschillende groeperingen in de gemeente rekening werd gehouden. Vaak kom je niet in het openbaar tot dergelijke oplossingen. Op zondagavond kwamen in die gemeente de wethouders bij de burgemeester aan huis en werden allerlei zaken doorgesproken in ongedwongen sfeer. Transparantie vind ik goed, maar te veel transparantie leidt alleen maar tot ellende. Recent is dat maar weer eens gebleken. Er is meer vertrouwen nodig in ons parlement. Wantrouwen leidt tot ongewenste uitkomsten. Ook op andere terreinen geldt dit. Zo heeft bijvoorbeeld de openheid van salarissen van commissarissen niet tot de gewenste verlaging geleid, maar juist tot een verhoging van de inkomens!

‘Ze bakken er in Den Haag niets van’

Na mijn pensioen ben ik lid geworden van de Eerste Kamer. Als President-Directeur van Shell Nederland en bestuurslid van VNO/NCW had ik vanzelfsprekend regelmatig contact met minister-president Jan Peter Balkenende, en de ministers van EZ, Laurens Jan Brinkhorst en Maria van der Hoeven. De landelijke politiek kwam natuurlijk vaak aan de orde. Omgekeerd kreeg ik bij bedrijven vaak te horen: ”Ze bakken er in Den Haag niets van” en ook dat er “niet de slimste mensen de politiek ingaan”. Die laatste opmerking stamt overigens uit de VOC-tijd. Politici waren toen de handlangers van de ondernemers. Dit zijn uitingen van een oude mentaliteit, heel veel dedain en dat stoorde mij. Toen mij werd gevraagd of ik mij kandidaat wilde stellen voor de Eerste Kamer, heb ik dat gedaan. Politiek kan je niet overlaten aan ‘beroepspolitici’. Men moet juist met maatschappelijke- en werkervaring de politiek ingaan en niet beginnen met een politieke functie om na enige tijd de sprong te maken naar het bedrijfsleven of een maatschappelijke organisatie. Ervaring is belangrijk in de Kamers. Anders is er te veel de neiging tot incidentenpolitiek. Langetermijn projecten krijgen daardoor nauwelijks een kans. Ook om een andere reden. Er zijn te weinig Kamerleden met een bèta achtergrond. Mensen die weten hoe projecten verlopen en dat veranderen halverwege niet meer moet kunnen zonder eerst goed naar de extra kosten te kijken. Een schrijnend voorbeeld hiervan is de besluitvorming over de verbouwingsplannen van het gebouw van de Tweede Kamer en kijk maar naar alle grote projecten (IT en infrastructuur) in de laatste decennia.

Met veel plezier ben ik gedurende vier jaar Eerste Kamerlid geweest en zal het anderen, zeker ook jongeren, aanraden. Ik heb geen schokkende zaken gedaan. Wel heb ik mij intensief beziggehouden met Genetically Modified Organism (GMO) waar het gaat om zaadveredeling en niet om genetische manipulatie. Via boeiende hoorzittingen hebben we dialogen gevoerd en zo kom je verder.

In NESTOR zag ik ook artikelen die mij interesseerden. Daarom ben ik lid geworden van de VOP.

Gespreide verantwoordelijkheid

In mijn politieke opvatting staat niet de overheid centraal, maar de eigen verantwoordelijkheid van mensen. Als je kijkt naar Oost-Europese landen dan zie je het negatieve bewijs hiervan. De overheid kan en moet het niet alleen doen, zeker niet de landelijke overheid. Ik ben voor gespreide verantwoordelijkheid. Leg de verantwoordelijkheid daar waar het kan worden gedragen. De overheid kan niet alles. En moet ook nee kunnen zeggen.

Een voorbeeld: in de EK hebben we gestemd over een wetsvoorstel om 5% van de parkeergelegenheden in NL te bestemmen voor mensen met een beperking. Laten de gemeenten dat zelf beslissen en niet landelijk via wetgeving.

De samenleving die mij voor ogen staat, is een samenleving met een goed rechtssysteem waarin sprake is van solidariteit, waar mensen elkaar ook aanspreken. Ik ben het eens met de burgemeester van Rotterdam, Aboutaleb, dat als de kerken en moskeeën er niet waren, de samenleving in ernstige sociale problemen zal komen.

Waar mensen zorg hebben voor de wereld. Rentmeesterschap!

Commissie Toekomst

Begin vorig jaar ben ik samen met anderen van start gegaan in de Commissie Toekomst. Een privaat initiatief dat een lange termijnvisie ontwikkelt voor de grootste crisis van deze eeuw: de grondstoffencrisis. Het moet uitmonden in een Toekomstakkoord, een pendant van de Europese Green Deal. De Kerngroep bestaat uit zo’n 50 personen, jongeren en ouderen, die via het voeren van discussies, intensieve dialogen over problemen zoals klimaatverandering, het opraken van fossiele grondstoffen etc. tot zo’n lange termijnvisie wil komen. Het is een groep van deskundigen vanuit de wetenschap, het bedrijfsleven en Ngo’s.

Hoe gaan we te werk?

Eerst moet het probleem heel grondig, in samenhang geanalyseerd worden, ook op lange termijn (fase 1). Daar ontbreekt het vaak aan en dan blijkt later dat de oplossingen maar een heel beperkt effect hebben.

Na de grondige analyse wordt gezocht naar effectieve oplossingen. Daartoe vinden in de tweede fase dialogen plaats om tot adequate en samenhangende oplossingen te komen, waarbij alle aspecten worden meegenomen.

Neem de opwarming van de aarde. De temperatuur verandert, maar waardoor? Dat is niet alleen door de CO-2 uitstoot. Dat speelt wel een rol maar is niet de hoofdoorzaak. De zonnevlekwerking die in cycli plaatsvindt, is veel belangrijker. Zo smelt de Noordpool hierdoor al sinds de jaren ’80. En dat heeft het altijd gedaan.

Dit betekent niet dat het Akkoord van Parijs dan maar niet moet worden uitgevoerd, maar het is te weinig, het zet niet echte zoden aan de dijk. En er is veel meer werk aan adaptatie nodig.

Ook fossiele grondstoffen raken op den duur op. De discussie over kernenergie kan niet uitblijven, aangezien we energie zullen blijven gebruiken. De welvaart stijgt.

Een ander voorbeeld uit het verleden waaruit blijkt dat door goede science based dialoog er oplossingen komen: de gaswinning in de Waddenzee. Nadat het starten van de winning door het kabinet-Kok was stopgezet, werd in het begin van deze eeuw een goede dialoog gestart waarin alle problemen van de Waddenzee werden gerangschikt en bleek de oplossing te zijn: wel gas produceren, maar stoppen met kokkelvissers en mosselvissers.

Op dit moment zijn we bezig draagvlak te krijgen voor het organiseren van dergelijke dialogen via gesprekken met de SER, FNV. VNO/NCW etc. Wanneer het werk zal zijn afgerond is nu moeilijk te voorspellen.

Dienend leiderschap

De roep om nieuw leiderschap is op dit moment aan de orde van de dag. Sigrid Kaag heeft dit als nieuw item naar voren gebracht. Hoe ik daarover denk?

Voor mij is het beste leiderschap, dienend leiderschap. Mark Rutte voldoet hieraan naar mijn mening. In de ‘Preek van de Week’ heeft hij hierover een boeiend betoog gehouden. Daar ben ik het zeer mee eens. Je moet openstaan voor kritiek en ook feedback vragen van anderen. Dat is noodzakelijk voor een leider. Daarmee creëer je vertrouwen en dat is wezenlijk, en in een samenleving onmisbaar. Een samenleving zonder vertrouwen is geen goede samenleving. In Nederland is er overigens meer vertrouwen dan bijv. in de VS en het VK met dramatische gevolgen die daar ook zichtbaar zijn. Iedere nuancering is daar weg vooral als gevolg van het tweepartijensysteem. Veel partijen is op zich een goede zaak, er moet dan veel gesproken worden en daardoor creëer je betere oplossingen, die ook draagvlak hebben.

Geen groeiende ongelijkheid

Op dit moment is de scheefgroei en ongelijkheid in de samenleving een hot item. Dit is zeker het geval in de VS en de UK, maar hier in Nederland niet. Als je kijkt naar de CBS-cijfers dan zijn er geen toenemende verschillen in inkomen, ofwel het resulterende alternatief beschikbaar inkomen is de laatste vijftig jaar sterker gegroeid dan het bbp. Wel blijkt er een lichte verschuiving in vermogens, zoals Piketty beschrijft, maar ook daar is de situatie in Nederland niet te vergelijken die van de Angelsaksische landen (VS, VK). Waar wel een probleem speelt, is bij onvrijwillige ZZP-ers. Zij hebben weinig mogelijkheid om pensioen op te bouwen en arbeidsongeschiktheidsverzekering af te sluiten.

Wat ik wel als een probleem zie zijn de stijgende overheidsuitgaven op sociaal gebied. Bovendien is ongelijkheid van alle tijden. Je moet elkaar helpen en niet altijd via de overheid. De toeslagen-affaire heeft dit pijnlijk zichtbaar gemaakt. De Commissie Van Dam heeft gewezen op zelfreflectie. De Kamer moet bij zichzelf te rade gaan en zich afvragen op welke wijze deze steun beter kan worden verleend en uitgevoerd.

Tenslotte wens ik dat de huidige samenstelling van het Kabinet blijft, eventueel met de PvdA erbij! Het demissionaire Kabinet heeft immers in totaal meer stemmen gekregen dan zij daarvoor had!

 


De kinderopvangtoeslag: de nachtmerrie van de rechtsstaat
24jun

De kinderopvangtoeslag: de nachtmerrie van de rechtsstaat

  • Nestor

De kinderopvangtoeslag: de nachtmerrie van de rechtsstaat Door mr. Piet Hein Donner, o.a. oud vicevoorzitter Raad van State en Minister...

Reacties

Log in om de reacties te lezen en te plaatsen